MIDDEN - DELFLAND

Twee gezichten van... Nr. 73: De Grote- of Oude Molen in de Kralingerpolder te Maasland

In de rubriek 'De twee gezichten van…' staan maandelijks twee afbeeldingen centraal. De tekst van deze aflevering is verzorgd door Trudy Werner-Berkhout van de Historische Vereniging Maasland. Henk Groenendaal maakte de foto anno 2009. Reacties en suggesties van lezers zijn van harte welkom. Deze maand deel 73.

De Grote- of Oude Molen ligt aan de Oostgaag 23 in de Kralingerpolder. Al rond 1440 verzocht de Commandeur van de Duitsche Orde van Maasland aan de graaf van Holland om in het Maaslandse poldergebied molens te mogen bouwen. De polders bleven in het grootste deel van het jaar zo nat, dat de kleine sluisjes die er waren onvoldoende capaciteit hadden om de weilanden droog te maken. Aan het verzoek werd tegemoet gekomen door het toestaan van het oprichten van een aantal molens in het poldergebied.

De ruim 600 ha grote Kralingerpolder was de grootste polder van Maasland en werd daarom bemalen door twee dicht bij elkaar staande watermolens, de Grote Molen en een iets noordwestelijker staande Kleine Molen. Uit 1559 is een vonnis bewaard gebleven, dat handelt over het repareren van de Kralingermolen. Op de kaart van Delfland van Floris Balthasarz. uit 1611 zijn de twee molens van de Kralingerpolder ingetekend. De Grote Molen werd in 1752 gebouwd, maar heeft dus een voorganger gehad. Aan de zuidkant van de romp is een steen gemetseld met het opschrift: 'den eersten steen gelijdt den 5 meij 1752'

Kralingerpolder molens in 1910

De molen was van het type grondzeiler. De molen had een ronde vorm. Op de romp zat een draaibare kap; de wieken reikten bijna tot de grond (diameter 28,40 meter). De molen functioneerde als poldermolen. Het door de wind aangedreven scheprad (diameter 6,10 meter) bracht het water van polderniveau omhoog naar boezemniveau. Hoewel de twee molens aan dezelfde watergang stonden, bemaalden zij ieder een eigen deel van de polder.

In 1897 werd de Grote Molen door bliksem getroffen, maar kon worden behouden. In 1903 werd het scheprad en de wateras van de molen nog vernieuwd. De komst van de stoommachine in het midden van de negentiende eeuw betekende het begin van het einde van veel molens. Molens werden onttakeld en vervangen door of omgebouwd tot een gemaal. Daarom is het bijzonder dat de Oude Molen in 1903 nog vernieuwd werd, er kwam een nieuw scheprad en een wateras in hout. Maar in 1913 was het toch gedaan. Ook deze molen werd onttakeld en later verdween de kap en een groot deel van de romp. Vervolgens werd er in het restant van de Grote Molen een dieselmotor geplaatst die een centrifugaalpomp aandreef. Deze pomp verving het scheprad. Het gemaal van de Kralingerpolder werd dus ondergebracht in de molenromp van de voormalige Grote Molen en slaat via een ongeveer 300 meter lange voorboezem in de Oostgaag uit. De oude installatie is in 2001 volledig vervangen door een elektrisch gemaal. De molenromp is nog steeds vanaf de Oostgaag te zien. De Kleine Molen raakte in 1936 defect en werd in 1938 volledig gesloopt.

Restant Grote Kralingerpolder molen in 2009

Het bedienen van een molen vereist veel vakkundigheid. De molenaar moet niet alleen verstand hebben van de molen, maar ook van de weersgesteldheid. Het malen gaat altijd door; in ieder jaargetijde. Kennis kon vroeger alleen door ervaring worden verkregen. Vaak werd het molenaarsvak van vader op zoon overgedragen en daardoor bediende vaak generaties lang dezelfde familie één en dezelfde molen! 

De familie Korpershoek uit Maasland heeft een halve eeuw op deze molen gewoond. Het molenaarsvak zat de familie in het bloed: Kornelis Sijmonsz. (1788-1836?) was watermolenaar op de Vlietmolen in de Broekpolder onder Maasland. Zijn zoon Symen Kornelisz. Corpershoek (1784-1846) en zijn vrouw Jannetje Huibrechtsdr. Poot (1796-1870) uit Schipluiden betrokken de molen in de Kralingerpolder. In de tweede helft van de negentiende eeuw volgde zoon Cornelis (1822-1891), gehuwd met Trijntje Vermeer (1825-1917), zijn vader op de molen op. Een vader op zoon opvolging van het vak!

Bronnen:

  • Informatie van A. Dijkshoorn.
  • Genealogie Korpershoek.
  • Molendatabase: www.molendatabase.nl
  • G. Ottevanger, Molens, gemalen en andere waterstaatkundige elementen in Midden-Delfland, Den Haag, 1985.
  • O. Dorenbos, De Kleine Molen in de Kralingerpolder in Maasland. In: Jaarboek 1992 van de Historische Vereniging Maasland.

Tekst: Trudy Werner-Berkhout. Oude foto: Historische Vereniging Maasland. Foto huidige situatie 2009: Henk Groenendaal. 'Midden-Delfland - Schakel' publicatie: 26 februari 2009.

Na publicatie worden de “Twee gezichten van…” ook op internet gepubliceerd op adres: http://www.middendelfland.net/.